Zo gebruik je het werkboek "Samen schermtijdafspraken maken"
Dit werkboek gebruiken we tijdens onze ouder-kind sessies, waar we je stap voor stap door de oefeningen begeleiden. Ga je er thuis zelf mee aan de slag, dan vind je hieronder per oefening uitleg over het doel en de aanpak.
Het werkboek kan je niet downloaden. Maar kom eens langs op één van onze lezingen, we hebben altijd exemplaren mee.
Neem een rustig moment om dit werkboekje door te nemen, zonder tijdsdruk en zonder telefoons naast jullie op tafel. Reken op 45 tot 60 minuten voor het volledige werkboek. Je hoeft het niet in één keer af te werken.
1. Welk schermgedrag van anderen vinden jullie vervelend?
Doel: dit is de opwarmer. Door eerst te kijken naar het schermgedrag van anderen, wordt het makkelijker om later over je eigen gedrag te praten. Het voelt minder als een verwijt.
Aanpak: schrijf allebei apart op wat je stoort aan hoe andere mensen met schermen omgaan. Denk aan familie, vrienden, mensen op straat. Vergelijk dan wat jullie hebben opgeschreven. Vinden jullie dezelfde dingen vervelend, of net niet? Vraag door: waarom stoort dat je precies?
Valkuil: houd het bij het schermgedrag van anderen. Zodra het gesprek verschuift naar elkaars eigen schermgebruik, ben je eigenlijk al bezig met een andere oefening.
2. De bekende gezichten / Influencers
Doel: zien hoeveel invloed influencers en bekende gezichten hebben, en of ouders en kinderen daar hetzelfde beeld van hebben.
Aanpak: kies een van deze twee manieren. Ofwel proberen de ouders eerst zelf te benoemen hoeveel van deze mensen ze kennen, zonder hulp van hun kind. Ofwel doen jullie de oefening samen. Beide werken, kies wat bij jullie past.
3. Schrijf 12 dingen op die jullie wel eens op een scherm doen
Doel: een volledig overzicht krijgen van het schermgebruik in het gezin, niet enkel de paar dingen waar meestal discussie over is.
Aanpak: elk voor zich, maar helpen mag. Schrijf 12 activiteiten op, van huiswerk maken tot gamen, series kijken of appen met vrienden. Lees daarna elkaars lijst voor. Bewaar het blad, je hebt het nodig bij de volgende oefening.
4. Sorteer van passief naar actief
Doel: het onderscheid zien tussen schermgebruik dat je passief ondergaat en schermgebruik waarbij je actief iets maakt, leert of contact hebt.
Aanpak: neem de lijst van 12 activiteiten uit de vorige oefening en verdeel ze langs de lijn, van puur passief tot volledig actief. Er is geen juist antwoord, het gaat om het gesprek over waarom iets ergens past.
Extra vraag: welke van deze activiteiten leidt bij jullie het vaakst tot discussie? Dat is meestal een goede aanwijzing voor waar jullie nog een concrete afspraak over nodig hebben.
Meer lezen over dit onderscheid: Minder schermtijd voor je kind? Of eerder minder scherm-passieve-tijd?
5. Akkoord/niet akkoord?
Doel: een uitgebreide lijst van mogelijke stellingen doornemen, zodat je niet vanaf nul moet beginnen.
Aanpak: eerst apart aanduiden of je akkoord bent of niet met elke afspraak. Pas daarna ga je erover in gesprek. Zo weet je zeker dat je elkaars eerste, onbeïnvloede mening hoort, in plaats van dat de één meteen meegaat met de ander. Praat vooral door bij de afspraken waar jullie het niet over eens zijn.
6. Startphone
Doel: vooraf samen bepalen welke apps wel en niet mogen, in plaats van dit achteraf per incident te moeten regelen.
Aanpak: overloop de lijst samen. Bespreek bij elke app kort waarom ze wel of niet mag, en op welke leeftijd dat zou kunnen veranderen. Vul zelf apps aan die niet op de lijst staan.
7. Zorghand
Doel: vooraf, in een rustig moment, vastleggen wie je kind kan aanspreken als er iets misloopt online. Op het moment zelf is dat vaak moeilijker te bedenken.
Aanpak: laat je kind bij elke vinger van de getekende hand een naam of plek invullen.
Duim: iemand van je vrienden
Wijsvinger: een volwassene van je gezin, familie of voogd
Middelvinger: een volwassene van je school, zoals een leerkracht of zorgleerkracht
Ringvinger: een volwassene van je hobby's, of een professionele hulpverlener zoals een psycholoog, logopedist of dokter
Pink: een website waar je terechtkan, bijvoorbeeld Awel, een dokter online, of een andere betrouwbare tool
8. Leg jullie afspraken vast
Doel: de oefeningen samenbrengen tot een aantal concrete, haalbare afspraken.
Aanpak: kies uit alles wat jullie hebben besproken drie tot vijf afspraken die je nu al kan vastleggen. Meer heeft weinig zin, een lijst van twintig regels onthoudt niemand. Schrijf ze op, hang ze zichtbaar op, en spreek af wanneer jullie ze samen evalueren.
Wil je hier na nog meer aan de slag?
Bekijk onze tool om samen een smartphonecontract op te stellen.
